|
De Stichting Levende
Stadsgeschiedenis Zwolle heeft veel ideeën gelanceerd
vanaf haar oprichting in 2002. De stichting is
eigenlijk opgericht uit onvrede en falen van een
historisch inzicht, laatste voorbeeld was de vondst van
een zeskantige doopkapel en muurfragmenten van de Grote
of St.Michaëlskerk in mei 1995. Een groot aantal
verontruste burgers pleitten om deze 14e eeuwse
muurfragmenten blijvend zichtbaar te maken. "Zand
erover" was het motto van de gemeente en op de
historische waardevolle fundamenten van de doopkapel
werd een weinig zeggende en ontsierende fontein
geplaatst, een politieke misser van formaat. Een aantal
verontruste burgers kwam bij elkaar en zij waren de
mensen van het eerste uur in onze
stichting. In deze pagina's geven wij U een
aantal ideeën die zijn uitgemond in acties. De acties
rond het Rodetorenplein en de
Grote Aa op de Melkmarkt treft U in
afzonderlijke pagina's aan. Onder de kop laatste
nieuws
wordt U op de
hoogte gehouden van het aantal vorderingen van onze
acties.
Wij zijn actief bij de volgende acties:
-
Bouw een replica van de
Jan Baghstoren
-
Een Michaelsfontein of
Marktzuil op de Grote Markt
-
Bouw de gevel "In de
Vergulden Dolfijn" weer op.
-
Breek Monumenten op de
Melkmarkt niet af
-
Een beeld voor Magister
Joan Cele
-
De Zwolse Kaag.
-
Het Nijkerckenbolwerk
(Noordereiland)
-
Schaalmodel Standerdmolen
Rodetorenplein
-
Schaalmodel Hanzekraan op
de Rodetorenplein
-
Vaandels
aangeboden aan onze stichting
-
"Let op Uw
saeck" monumentale cultuur
bedreigt
-
Kanonnen voor de vesting
Zwolle
-------------------------------------------------------------------------------------------------
1. Bouw een replica
van de Jan
Baghstoren
De gemeente Zwolle heeft enige tijd geleden een voorstel gepresenteerd om aan de oost-zijde van het Rodetorenplein
een bouwblok te ontwikkelen.
Vanaf de 14e eeuw stonden hier de stadsmuur en
in verschillende stadia een
muurtoren en een
stadspoort. Muur,
toren en poort zijn opeenvolgend
gesloopt, de laatste rond het midden van de
19
e eeuw.De archeologische dienst van de
gemeente heeft ondertussen, zoals te verwachten was,
deze unieke resten van de rijke Zwolse historie bloot
gelegd, waaronder de fundamenten van de zogenoemde Jan
Baghtoren.Inmiddels
begint het Zwolse publiek zich te roeren en vraagt men
zich af hoe het historisch waardevolle terrein al worden
ingevuld. Er zijn vele varianten denkbaar maar
kenmerkend voor het Rodetorenplein waren de speciale
commerciële (Hanze) haven en kadefunctionaliteiten en de
grote noodzaak tot het verdedigen van deze belangrijke
Zwolse scheepvaart entree. De Jan Baghtoren speelde in
de verdedigingsgordel van deze belangrijke commerciële
haven van Zwolle een belangrijke rol en was daarmee mede
gezichtsbepalend voor het Rodetorenplein, getuige de
vele tekeningen, gravures en schilderijen van deze
Zwolse stadszijde waarbij de Jan Baghtoren steeds
dominant in beeld wordt gebracht. Ook thans kan het
Rodetorenplein als historische haven, en
uitmonding-plaats van de Grote Aa nog steeds een unieke rol in het stadsbeeld
spelen.Niet alleen
stedenbouwkundig maar ook toeristisch dienen de accenten
te worden gelegd op de oorspronkelijke functionaliteiten
van het Rodetorenplein. Hierbij zijn de sleutelwoorden
Hanze,
Scheepvaart, Rivieraanzicht en de verdediging hiervan
zeer van toepassing.
De Stichting
Levende Stadsgeschiedenis Zwolle heeft dan ook de
grote zorg dat de volumineuze bouw van het
Maagjesbolwerk en de toekomstige hoge nieuwbouw op het
Kraenbolwerk
het Rodetorenplein stedenbouwkundig gaan
overheersen en deze zullen decimeren tot een
nietszeggende ruimte.De Stichting Levende
Stadsgeschiedenis Zwolle is dan ook van mening
dat het Rodetorenplein een hoogteaccent nodig heeft om
de eigen identiteit te waarborgen tussen de beide
eerder genoemde omvangrijke bouwsels. Een plan tot historische herinrichting
van dit oorspronkelijke haventerrein hebben wij het
college van B & W
van de gemeente Zwolle in 2001 ter beschikking
gesteld.
Bijzonder
perplex stonden wij toen de gemeente Zwolle met een plan
kwam het
deel van het Rodetoren plein, waar ooit de
Rodetoren, de Jan Baghstoren en de stadmuur stond, te
gaan bebouwen. In een toelichting werd het plan ons
gepresenteerd.
"Een uitdaging" was de titel van dit drukwerkje
waar voorop de torens van de St. Michaëls kathedraal van
Moskou prijkte. Waarschijnlijk had met geen fraaie
tekening van de Jan Baghs- en Rodetoren
voorhanden.
De Stichting Levende
Stadsgeschiedenis Zwolle pleit voor volledige
historische reconstructie van de Jan Baghtoren op de
plaats waar deze 150 jaar geleden nog aan-getroffen kon
worden. Hiermede doet Zwolle recht aan haar rijke
middeleeuwse verleden waar verdediging van de stad, haar
commerciële scheepvaartactiviteiten en de Hanze in het
algemeen van cruciaal belang was. Dat deze denkwijze,
het "historiserend bouwen", thans in den lande steeds
meer ingang vindt kan men constateren in steden zoals
Amsterdam, Deventer, Groningen waar men druk doende is
de geschiedenis terug te brengen door middel van
reconstructie en historiserend bouwen. Al meerdere malen
heeft Zwolle het voorbeeld gevolgd van Amsterdamse
architecten en stedenbouwers w.o. Aldo van Eijk, Theo
Bos en Hans Ruissenaars (Maagjesbolwerk) waar ook een
link is gelegd naar het verleden.We hoeven alleen maar te verwijzen
naar ons collega's in Amsterdam, de Vrienden van de
Amsterdamse binnenstad, met hun plannen tot
volledige herbouw van de Haringpakker-storen aan de
Prins Hendrikkade, een plan dat ook door de gemeente
Amsterdam is overgenomen. De wethouder van
Monumentenzorg van Amsterdam, de heer Frankfurter
propageert zelfs dit plan.
Met de archeologische vondst van de
complete fundamenten van de Jan Baghstoren en de
belangrijke Rodetoren moet iets gedaan worden.
Wanneer op deze heel bijzondere gevoelige plek
toch gebouwd moet worden (waarom is ons nog steeds niet
duidelijk?) dan kan hier niet ongetraft een modern woon
of winkelblok komen. Wij gaan ons, gelijk in Amsterdam,
sterk maken voor de herbouw van de Jan Baghstoren.
Dat moet een uitdaging zijn voor iedere
architect, de geschiedenis te laten herleven. Wij hebben
in de eerste weken van januari via de Pers ons plan al
gepresenteerd met een tekening van de nieuwbouw met de
gereconstrueerde Jan Baghstoren en stukken van de
stadsmuur in de nieuwbouw.
Inmiddels
werd de projectontwikkelaar Van Wijnen dor de gemeente
aangezocht een invulling te geven op deze plek. Jurjen
van der Meer van het architectenbureau "De Zwarte
Hond" kwam met een eerstevoorstel dat in een van
de eerste bijeenkomsten van de klanbordgroep werd
ingetrokken. In een tweede bijeenkomst werd het nieuwe
plan van architect van der Meer gepresenteerd. Alhoewel
hij, kijkend naar historische elementen op de gravure
van Daniël Meißner[1580], historisch contouren en
belijning heeft aangebracht was voor ons een herkenning
van de Jan Baghstoren in geheel niet zichtbaar. Op
ons verzoek iets van een rondeel of torenrest in ronde
vormen te laten zien, bleek dit voor van der Meer
onbespreekbaar. Wij hebben na deze vergadering besloten
om samen met de "Vrienden van de Stadskern" uit de
klankbordgroep te stappen.
De volgende
brief hebben wij verzonden naar Projectontwikkelaar Van
Wijnen:
Tot onze spijt hebben ondergetekende organisaties
moeten constateren dat het overleg in de klankbordgroep
over het project aan het Rodetorenplein niet heeft
geleid tot een aanvaardbaar plan. Wij trekken ons daarom
terug uit de klankbordgroep. De combinatie van de
volgende bezwaren is voor ons onoverkomelijk.
- Zowel de Stichting Levende Stadsgeschiedenis
als de Vrienden van de Stadskern hebben vanaf het
eerste moment dat er sprake was van een invulling op
het Rodetorenplein boven de fundamenten van de Jan
Baghstoren gepleit voor het terugbrengen van een toren
die qua vorm en schaal verwant is aan de toren waarvan
de fundamenten zijn opgegraven. Zoals bekend, heeft
het gemeentebestuur geweigerd om de hiervoor
noodzakelijke ontheffing van het bestemmingsplan te
verlenen. Wij waarderen de poging die de architect met
ons wilde ondernemen om het college van B&W tot
andere gedachten te brengen. Zoals bekend wenste dit
college het gesprek hierover niet aan te
gaan.
- De poging om toch tot iets van een toren op te
nemen in het plan is niet alleen wat betreft de
hoogte, maar ook wat betreft de vorm halfslachtig. De
ronding die typerend is voor dit type
verdedigingstorens, wordt slechts toegepast in het
onderste deel.
- In verhouding tot de beeldbepalende gebouwen
aan het plein, het hotel op de kop van de Melkmarkt en
het Hopmanshuis is het plan te massaal.
Ondergetekenden benadrukken dat er slechts één
goede reden is om op de fundamenten van de toren en de
stadsmuur te bouwen: verfraaiing van het stadsbeeld. De
huidige gevelwand mist de allure die wij als pleinwand
daar graag zouden zien. Maar deze gevelwand is verre te
verkiezen boven hetgeen nu als schetsplan voorligt.
Inmiddels heeft
er een gesprek plaatsgevonden met wethouder Janco
Cnossen en is er een inloop bijeenkomst georganeerd voor
belangstellenden. De uitkomsten hiervan wachten wij met
spanning af.

-------------------------------------------------------------------
2. Een
Michaëlsfontein of Marktzuil op de Grote
Markt
Als deelnemer aan de Workshop en
het overleg van de Comissie Beeldende Kunst inzake het
herkenningspunt op de Grote Markt wil de Stichting
Levende Stadsgeschiedenis Zwolle hierbij haar ongenoegen
en zorg uiten over de wijze waarop de opdrachtgever (de
Gemeente Zwolle) de opdracht tot het te realiseren
kunstobject meent te moeten formuleren. Deze formulering
welke is neergelegd in de ingenomen uitgangspunten
alsmede in de rapportage van het vervolgtraject van het
door u als "herkenningspunt" betitelde kunstobject luidt
als volgt: "De opdrachtgever stelt dat het
kunstobject uitdrukking moet geven aan de Zwolse
historie, maar ook aan de meer recentelijke
ontwikkelingen naar een levendig centrum terwijl ook de
elementen zoals onderwijs, gezondheidszorg en cultuur in
het kunstobject tot uitdrukking moeten worden gebracht.
Daarnaast zal het ook de functie moeten krijgen als
oriëntatie en ontmoetingspunt". Als het al mogelijk
is om al deze genoemde elementen in één kunstwerk tot
uitdrukking te brengen kan het bijna niet anders dat het
kunstwerk een non figuratieve of abstracte vormgeving
zal krijgen. Ook het budget van 50.000 Euro.wat
beschikbaar is voor ontwerp, constructie, plaatsing en
honorarium lijkt ons schromelijk onvoldoende.
Wij vragen dan ook uw aandacht voor
de volgende overwegingen:
-
We spreken hier over de meest
representatieve locatie van onze historische
binnenstad.
-
Dit vereist een zeer zorgvuldige
keuze voor wat betreft het ontwerp van een kunstobject,
in samenhang met de eeuwenoude gebouwen en huizen rond
de Grote Markt.
-
Het kunstobject moet in balans zijn
met de omgeving, kijkend naar onder meer afmeting,
situering, gebruikte materialen, de detaillering. Het
moet een voorname, klassieke uitstraling hebben;
-
Het moet passen in de historie van
de omgeving, bijvoorbeeld van gebeurtenissen die hebben
plaats gevonden in de eeuwenoude geschiedenis van de
Grote Markt;
-
Het moet zo mogelijk terug grijpen
andere historische gebeurtenissen van de Stad;
-
Het moet het karakter van de Grote
Markt versterken. Immers de Herinrichting van de Grote
Markt zoals inmiddels in gang is gezet, gaat uit van de
ontwikkeling naar een meer klassiek Plein. Kijk naar het
gebruikte plaveisel. Het gemotoriseerde verkeer
verdwijnt, er komt meer plek voor voetganger, markt,
terrassen, toeristen. Bij dit karakter hoort een zekere
grandeur, een reflectie op het verleden van de
middeleeuwse binnenstad;
Wij moeten helaas constateren dat
de door de Gemeente Zwolle en de Commissie voor
Beeldende kunst vooringenomen standpunten met betrekking
tot de uitvoering van het kunstobject en de opdracht aan
een ontwerper, geen recht doen aan de wens van de Zwolse
burger die in groten getale middels een
handtekeningenactie haar wens aan onze Stichting heeft
kenbaar gemaakt.
Wij hebben deze handtekeningen,
compleet met alternatieve voorbeelden van mogelijke
monumentale kunstwerken als petitie aan uw wethouder Dhr
Cnossen aangeboden.

Sint Michaël op de Grote Markt
Midden vorige jaar is in opdracht
van het bestuur van de Stichting Levende
Stadsgeschiedenis Zwolle, via een handtekeningen actie,
de mening gevraagd van de burgerij voor een monumentaal
kunstwerk op de Grote Markt. In een tweetal acties,
tijdens de blauwvingerdag en op de Internationale
middeleeuwse Hanzemarkt, werden ruim 500 handtekeningen
verzameld. Er werden drie keuzes voorgelegd:
1.
St.
Michaëlsfontein
2.
De
zandstenen zuilen (van het oude gesloopte stadswijnhuis)
die op de gemeentewerf bewaard worden
3.
De
herplaatsing van de marktzuil of kake
die van 1460-1810 een prominente plaats had aan
Grote Markt.

De meeste
stemmen werden uitgebracht voor een rustieke St.
Michaëlsfontein. In de Zwolse Courant van afgelopen
zaterdag stond vermeld dat de
werkgroep van belanghebbenden, w.o. de Stichting Levende
Stadsgeschiedenis Zwolle, "unaniem enthousiast" was over
het concept ontwerp van Herman Lamers. Voor ons ligt de
zaak toch wat genuanceerder dan in dit bericht werd
gesuggereerd. Het concept ontwerp van Lamers en de Vree
werd in ons bestuur met "gemengde gevoelens" ontvangen.
Het bestuur van de Stichting Levende Stadsgeschiedenis
Zwolle heeft kennis genomen van de vorderingen voor de
totstandkoming van het monumentale kunstwerk op de Grote
Markt. Zij stelt het op prijs dat de figuur van
St.Michaël als onderwerp is gekozen door de kunstenaar.
Het bestuur, heeft daarom ja tegen het vervolgtraject;
de uitwerking van het concept, gezegd mits...
- De naar de mening van de
Stichting wat "teneergeslagen" uitstraling van het
kunstwerk omgebogen kan worden in een meer positieve
uitstraling. Mogelijk kunnen wat meer kenmerken van
Michael toegevoegd worden. De specifieke kenmerken van
St.Michaël zijn de weegschaal en het zwaard en de
figuur een meer triomfantelijke uitstraling krijgt als
overwinnaar
- Aandacht zal worden
besteed aan het rust- en ontmoetingspunt (sokkel,
fontein, bassin en bijv zitelementen rondom )
- Er een, al beloofd,
gesprek met de kunstenaar komt waarin de stichting
haar visie op de totstandkoming van het monumentale
kunstwerk kan geven in relatie tot de "levende
geschiedenis" van de Grote Markt en de Hanzestad
Zwolle.
Mocht aan deze wensen niet worden
voldaan dan zal de stichting Levende Stadsgeschiedenis
Zwolle zich niet verder conformeren aan de
totstandkoming van dit kunstwerk en haar deelname aan
het overleg binnen de werkgroep stopzetten. Zij zal zich
dan nader beraden voor het zetten van andere stappen.
Genoemd is de adhesie die de stichting kreeg voor een
aantal ideeën voor een kunstwerk dat meer relatie zou hebben met de
geschiedenis van de Grote Markt, als oorspronkelijke
haven aan de Aa (tot 1320) en daarna als marktplaats.

__________________________________________________
3.
Bouw de gevel van "De Vergulden Dolfijn" weer
op
Wat zou
het niet prachtig zijn als er een complete historische
Hanzegevel te zien zou zijn van Betnheimer zandsteen,
zoals er velen stonden in de 15e en 16e eeuw. Er staat
nog een zandstenen gevel aan de Melkmarkt, welliswaar
niet helemaal compleet. De gevel is onthoofd, zoals met
de meeste gevels van de historische panden is gebeurd in
de 19e eeuw. Nu is er het antiquaritaat en boekhandel De
Slegte in gevestigd. Er zijn ooit ideeën geweest om de
gevel weer van een bekroning te voorzien en dan met een
gevelsteen van "De vergulden Dolfijn". Maar de
heer de Selgte is overleden en met hem zijn plan. We
vinden eigenlijk dat dit idee moet worden
uitgevoerd.
_________________________________________________
4.
Breek Monumenten op de Melkmarkt niet af

Op 31 juli 2006 heeft de stichting
Levende stadsgeschiedenis Zwolle, als belanghebbende, de
gemeente Zwolle verzorgd om een aanwijzing van beschermd
gemeentelijk monument, op basis van artikel 3 lid 1 van
de Monumentenverordening, voor het pand aan de Melkmarkt
1-5, 7 en 9.
De panden aan de Melkmarkt 7 en 9
hebben een bouwhistorische waarde. De enkelvoudige
balklaag van de tweede verdieping van de panden zijn
voorzien van geprofileerde sleutelstukken uit de 1ste helft van 17e eeuw. De kelder, [nr.
9] met zijn kruisgewelven op zandstenen kolommen,
is in de middeleeuwen tot stand gekomen. De bouwmuren en
ook de achtergevel bevatten mogelijk nog meer informatie
over de bouwgeschiedenis en zijn in bouwhistorisch
opzicht, naast de kelder ook de meeste waardevolle
onderdelen van het pand.

In 1768 begon hier Martinus Tijl
met zijn eerste drukkerij en boekhandel, de
"grootboeken" vertellen alles wat daar in dat
winkeltje gebeurde. Er werden veel pennen verkocht,
boeken, schrijfpapier, pijpen zegellak en witte ouwelen
aan de vaders van de grote Potgieter en de grote
Thorbecke en aan zoveel anderen in deze contreien. Het
pand werd gekocht van Willem Cavallie, die blijkbaar een
van de vier Zwolse oudste drukkerijtjes bezat samen met
de broer van de grote rekenmeester Willem Bartjens;
Joannes Bartjens. Martinus Tijl begom hier met drie
houten boekpersen in de middeleeuwse kelders van het
pand Melkmarkt 9.In de voorgevel kwam een steen met een
lindeboom in relief [in het latijn 'tilia" geheten] in
de klokgevel. Martinus Tijl zag hierin veel overeenkomst
met zijn oorspronkelijke Danziger naam Tiel, dat hij
deze "tilia" tot blazoen van zijn bedrijf
verhief.

In opdracht van de gemeente Zwolle is
in 2001 een cultuurhistorische beschouwing gemaakt van
circa 60 panden in de binnenstad van Zwolle. De
beschouwing, met als titel 'Onder de pannen' (Bloemink
en Boer, 2001), geeft aan dat voor dit pand aanvullend
bouwhistorisch onderzoek wenselijk is.
Wij zijn van mening dat het panden
aan de Melkmarkt 7 en 9 gebouwen zijn van algemeen
belang vanwege de cultuurhistorische waarde. De
stichting Levende Stadsgeschiedenis heeft
meerdere belangroepen aan haar zijde, zoals
Vrienden van de Stadskern, de Stichting Bankgebouw Van
Straaten en de Bond Heemschut. Zij zijn eveneens van
mening zijn dat deze gebouwen behouden dienen te
blijven. Hiervoor is een de aanwijzing als beschermd
gemeentelijk monument van groot belang! De stichting
Levende Stadsgeschiedenis Zwolle zal zich eveneens sterk
maken voor het behoud van het pand Melkmarkt 1-5,
nu het kantoor van de ABN-AMRO bank. De gevel
gebouwd door architect Van Straaten in z.g.
"Amsterdamse stijl" opgetrokken verdiend
aangewezen te worden tot beschermd
gemeentelijk monument. De panden Melkmarkt 7 en 9
behoren op de lijst van beschermde Rijksmonumenten te
staan.

Alles is een stroomversnelling
gegaan met de aanvraag tot sloopvergunning door de
projectontwikkelaar DLH. De Amsterdamse
Architect Dana Ponec heeft de twee historische
"Tijl" panden als voorbeeld genomen voor de overige
nieuw te bouwen gevelwand. Respecteer dan deze gevels
!!! De stichting Levende Stadsgeschiedenis
Zwolle zal zich samen met de Stichting Bankgbouw
Van Straaten, de Bond Heemschut en de Vereniging
Vrienden van de Stadskern ernstig verzetten, mocht er
toch een sloopvergunning worden afgegeven. Dit is
een monumentenstad als Zwolle niet waardig
!!!!

Zo kan het ook de drie historisch
waardevolle gevels in het totaal plan opnemen, uit
respect voor het monumentale. Architect Ponec zegt zelf
dat ze historiche gevels als voorbeeld heeft genomen
voor dat plan. Laat dan de waardevolle gevels staan
!!!
_______________________________________________
6. De Zwolse Kaag
Eerlijk is eerlijk, onze Stichting
heeft het deze keer eens niet zelf bedacht maar de
Zwolse wethouder Gerard van Dooremolen, ziet de Zwolse
kaag (zie schilderij) wel zitten.
De kaag was een
typisch Zwols zeewaardig zeilschip dat in tegenstelling
tot de kogge ook geschikt was voor ondiepe
wateren. Dit scheepstype heeft Zwolle veel
welvaart gebracht en verdient het om een plaatsje in het
Zwolse stadsbeeld te krijgen.
Hoe het
was: Probeer het je even
voor de geest te halen, op het Rodetorenplein, de geur
van pek en de zilte geur van nat touwwerk. Het geklapper
van de zeilen van de binnen manouvrerende schepen, het
gekraak van de windas van de Hanzehijskraan bij het
lossen van de goederen en de Hanzekoopman met ganzeveer
noterend alles wat van zijn schepen die ochtend uit
Duitsland en Scandinavië is aangevoerd. Op de
kade een keur van goederen, bier, graan,
drakenfelderstenen en bentheimer- zandsteen, etc. Zwolle was destijds een heuse
zeehaven, door het Zwartewater via Kraggenburg en
Schokland verbonden met de open Zuiderzee en vandaar lag
de route open naar Noord en Oost Europa. Als het aan
wethouder van Dooremolen ligt komt de kaag weer terug
aan de Zwolse kade en de Stichting Levende
Stadsgeschiedenis Zwolle juicht dat uiteraard
toe.T
Maar als je over
de Kaag praat, praat je ook over het Rode
Torenplein, de oorspronkelijke hoofdhavenplaats van
Zwolle. Je ziet het er nu nog even niet aan af maar
het Rodetorenplein heeft ook nu nog een enorme potentie
als Hanze thema plein, bij uitstek in item voor het
eerder genoemde Masterplan
toerisme.
--------------------------------------------------------------------------
7. Het
Nijkerckenbolwerk [Noordereiland]
Woningbouw binnen een 17e eeuws verdedigingsbastion,
kan dat? mag
dat?
Zwolle heeft
nog maar èèn bastion in de bekende sterpuntenketen rond
de oude binnenstad welke nog redelijk origineel is. Wat
kan je daarmee? wat mag je daarmee?
Vergeleken met voorgaande jaren
volgen de plannen voor nieuwbouwprojecten in de Zwolse
binnenstad en het uitvoering geven daaraan elkaar in
ijltempo op. Na het Maagjesbolwerk komt nu
het laatste nog redelijk onaangetaste Zwolse
verdedigingsbastion, het Noordereiland, ofwel, het
"Nijkerker Bolwerk" op de tekentafel. Er moet gebouwd
gaan worden en als het aan de politiek ligt, met een
hoge graad van bebouwingsdichtheid. Het
kenmerk van een dergelijk historisch verdedigingsbastion
echter is juist het ontbreken van bebouwing. Voorbeelden
hiervan zien we in andere vestingsteden zoals
bijvoorbeeld Naarden. De ontwerpers van het
parkeerdek op het Noordereiland, alweer enige tientallen
jaren geleden, beseften dit en zij respecteerden de
Zwolse "skyline" aldaar door de hoogte van het
parkeerdek beneden het niveau van de aarden wal te
houden.

Onze ideeen over de invulling van
het Noordereiland, een globale invulling van het gebied
met respect voor het oorspronkelijk
karakter
Kenmerken:
-
Laagbouw, bij voorkeur niet boven
de omwalling.
-
De huizen staan in "defensieve"
opstelling gegroepeerd gericht op het buitengebied.
-
De topgevels staan nooit haaks op
de flanken van het bastion om verstoring van de
bastion belijning te voorkomen.
-
De huizen aan de buitenzijde
hebben dakkapellen in de vorm van geschutspoorten
welke een speelse verwijzing zijn naar de vroegere
verdedigingsfunctie van het bastion
Met groeiende ongerustheid volgt de
Stichting Levende Stadsgeschiedenis Zwolle thans dan ook
de ontwikkelingen omtrent de invulling van dit
historisch belangrijke gebied en uit de discussie op de
laatst gehouden discussieavond in de raadszaal van het
stadhuis, kregen wij de indruk dat de Zwolse politiek
veel waarde hecht aan de mening van trendy architecten-
bureaus die beweren "heel leuke dingen" met het Bolwerk
te kunnen doen.Hoewel er tendenzen te bespeuren
zijn dat mede onder invloed van genuanceerd denkende
architecten (Soeters) de cultuurhistorie niet meer
geheel ondergeschikt gemaakt wordt aan modieuze
architectonische inzichten blijft het bastion "bedreigd
gebied"
De politieke overweging om binnen
de Zwolse grachten een hoge graad van
bebouwingsdichtheid toe te passen om daarmede de
buitengebieden te ontzien is stedebouwkundig gezien een
zeer slecht motief en met betrekking tot het
Noordereiland vrezen wij dan ook geconfronteerd te
zullen worden met (te) hoge appartementen in 3 woonlagen
waarmee het karakteristieke open karakter van het
bastion voorgoed zal verdwijnen.
Wij beseffen dat aan een nieuwe
invulling van de (dure) grond binnen het bastion niet te
ontkomen valt doch wij vinden ook dat wij aan ons
nageslacht verplicht zijn het typisch bastion-achtige
karakter waarbij het "vrije schootsveld" zo kenmerkend
is te respecteren en te bewaren. De Stichting Levende
Stadsgeschiedenis Zwolle heeft in een Artist's
impression haar globale visie omtrent een verantwoorde
invulling van het bastiongebied weergegeven en hoopt
daarmee bestuurders, architecten en projectontwikkelaars
te bewegen tot zelfbeperking ten gunste van dit uniek
stukje historisch binnenstadsgebied.
Zwolle 25-maart 2002, antwoord van
de Gemeente Zwolle
Wij ontvingen op 23 Maart j.l. van
het college van B & W een uitgebreid antwoord van 3
kantjes op ons schrijven, klaarblijkelijk opgesteld
binnen de afdeling monumentenzorg. In dit ongetwijfeld
wetenschappelijk verantwoorde doch bloedeloos schrijven
betwijfelt de heer Jansen van de gemeentelijke
Monumentenzorg de authenticiteit van het
Nijkerkerbolwerk en verleent daarmee onder het motto
"weg is weg" een vrijbrief om wederom ongestraft de
contouren van de oude Zwolse grachten-gordel
onherkenbaar aan te tasten. (Zie ook het Maagjesbolwerk)
Nog steeds begrijpt men ten stadhuize niet dat
binnenstadsmonumenten een onschatbare meerwaarde hebben
indien het historisch decor (dus ook de voormalige
zwolse verdedigingsgordel) waarin zij van oudsher
ingebed zijn intact blijft zelfs wanneer in onderhavig
geval de authenticiteit niet geheel gewaarborgd is doch
middels een 70er jaren reconstructie op treffende wijze
is vormgegeven.
De Zwolse binnenstad beslaat
hooguit nog 5% procent van de totale bebouwing van onze
stad maar het is juist deze 5% welke ons in positieve
zin onderscheidt van andere steden, een feit dat door
steeds meer bezoekers met verrassing wordt ontdekt en
vanwege de middeleeuwse uitstraling tevens hogelijk
wordt gewaardeerd. Een lagere authenticiteitswaarde
zoals verondersteld door monumentenzorg speelt in deze
beleving nauwelijks een rol.
De Stichting Levende
Stadsgeschiedenis Zwolle streeft zeer zeker niet naar
een binnenstad als historisch stadsreservaat maar
constateert anderszijds toch met zorg dat bij de Zwolse
beleidsmakers begrippen als "beschermd stadsgezicht" en
"het koesteren van cultuurhistorie binnen het masterplan
toerisme" holle frases zijn geworden.
-----------------------------------------------------
8. Schaalmodel van de
Standerdmolen voor Rodetorenplein
Hij maakte al een
schaalmodel van een Hanzekraan voor de mogelijke
reconstructie van het Rodetorenplein in Zwolle. Nu heeft
hij ook een model gemaakt van een standaardmolen, zoals
die ooit op het plein stond. Harm Otter uit Dedemsvaart
heeft opnieuw een uitdaging volbracht. De bouw van deze
molen zou het Rodetorenplein, het vroegere zeehavenhoofd
aan het Zwartewater en de historische vitale
scheepvaartverbinding met de rest van Europa, helpen
terugbrengen in oude glorie. 'Een jaar geleden heb ik de
Hanzekraan afgeleverd in De Hoofdwacht in Zwolle en toen
heb ik ook toegezegd te zullen zorgen voor een
schaalmodel van de standaardmolen die ooit op het
Rodetorenplein heeft gestaan', vertelt Otter. Evenals
zijn eerste productie is ook de molen een juweeltje
geworden met alles er op en er aan. Gemaakt naar een
tekening uit 1986 van uitgeverij De Muiderkring bv uit
Weesp. De bouw van het schaalmodel kostte ongeveer
anderhalve maand, waarbij Otter vier tot vijf uur per
dag werkte. 'Ik heb het gebouwd van allemaal stukjes
afvalhout en het voetstuk heb ik helemaal ingebrand om
de stenen te simuleren. Vooral de wieken hebben veel
tijd en geduld gekost. Elke verbinding moest steeds
opnieuw worden geboord. Per wiek zo'n 29 stuks. Ook het
binnenwerk heb ik helemaal ingericht met trap en
vangconstructie en tuien voor het kruiwerk. De tekening
is aangepast naar eigen inzicht en op basis van oude
prenten'. Otter gebruikte vooral
vurenhout, maar voor de vitale draaidelen was eikenhout
nodig. De windvaan werd door heraldisch restaurateur
Gerrit Sasbrink in echt bladgoud nagemaakt. Sasbrink is
de contactpersoon tussen de stichting Levende
Stadsgeschiedenis in Zwolle en de bouwer.
Het werk doet Otter vrijwel pro
deo. 'Ze hebben er in Zwolle weinig voor over. Ik
verdien er geen cent aan. Eigenlijk is dit liefdadigheid
wat ik doe. 't Is voor mij meer een uitdaging. Het geeft
me een kick als ik zie dat alles werkt.' Zijn vrouw
Hilly reageert daarop. 'Zeg maar gerust dat hij er
apetrots op is. De aflevering mag pas na mijn verjaardag
gebeuren, omdat dan mijn visite zijn prestatie nog kan
bewonderen'. Dat Otter zijn eigen werk waardeert blijkt
ook wel uit een foto van zijn tredmolen. Die hangt
prominent bij hem in de hal als blikvanger.
Gevraagd
naar wat er nu met de modellen precies gaat gebeuren
blijken beiden het antwoord schuldig te moeten blijven.
'Tja, daar hebben we eigenlijk niet bij stilgestaan. De
modellen zouden tentoongesteld worden om de sponsoring
voor de reconstructie rond te krijgen. We kennen
alleen de reden dat het voor promotiedoeleinden moet
dienen. En of de molen ooit werkelijkheid wordt? 'Daar
heb ik geen idee van,' zegt Otter, 'maar Harry Vrielink
van de Stichting Levende Stadsgeschiedenis heeft goede
hoop'.
-------------------------------------
9. Model Hanzekraan
Rodetorenplein Zwolle aangeboden aan de Stichting
Levende
Stadsgeschiedenis
Of er
al dan niet op het Rodetorenplein een historische
tredmolenkraan gebouwd gaat worden, zal de tijd leren.
De Stichting Levende Stadsgeschiedenis Zwolle slaagde er
in ieder geval in iemand te vinden die een schaalmodel
wilde maken. Harm Otter (67) uit Dedemsvaart werkte
bijna twee maanden aan het model en het resultaat mag
gezien worden. Zo een tredmolenkraan moet een prominente
plaats krijgen in de historische reconstructie van het
Rodetorenplein. Een plein dat eigenlijk geen plein is,
maar een zestiende eeuws zeehavenhoofd aan het Zwarte
Water. Wat de IJsselkade is voor Kampen, Deventer en
Zutphen, is het Zwartewaterfront (Rodetorenplein) voor
Zwolle. Hier stroomde de slagader waardoor Zwolle per
schip verbonden was met de rest van Europa. Eeuwenlang
had Zwolle door middel van het ~Groote water~
(Zwartewater) een open verbinding naar de voormalige
Zuiderzee. Aan deze vitale scheepvaartverbinding met de
rest van Europa had Zwolle zijn welvaart te danken, zo
beschrijft de stichting het plein. Dat de keuze voor het
vervaardigen van het schaalmodel is gevallen op Harm
Otter uit Dedemsvaart is een toevalligheid. Zijn
plaatsgenoot Gerrit Sasbrink, heraldisch restaurateur en
sterrenkundige, was in het bezit van een munt met daarop
een hijskraan. Die kreeg hij een kwart eeuw geleden
tijdens een bezoek aan de Hanzestad Brugge. Na
persberichten over de reconstructie van het
Rodetorenplein zocht Sasbrink contact met het
stichtingsbestuur. Van het een kwam het andere. Ik kende
Harm Otter goed en hij werd bereid gevonden zijn
bijdrage aan het schaalmodel te leveren, zegt Sasbrink.
"Wel nadat ik er enige tijd over gedubd had~, reageert
Harm Otter, die een zeer bedreven hobbyist is in houten
voorwerpen. Jarenlang bekwaamde hij zich in houten
speelgoed en schaalmodellen. Maar zekerheid dat het
Zwolse model ook daadwerkelijk nagebouwd wordt, heeft
hij niet. ~Dat zal afhangen van de besluitvorming in
Zwolle en de beschikbare financiële middelen. Er zullen
nog heel wat sponsors nodig zijn, zo voorspelt hij. ~Ik
heb de opdracht aangenomen met de instelling dat ik er
altijd nog brandhout aan over zou houden als het niet
wilde lukken. Ik maakte het model met uitsluitend
afvalhout. In totaal zo~n acht weken heb ik eraan
gewerkt. Minstens 250 uur lang. Een heel priegelwerk.
Een paar duizend 9-millimeter kleine spijkertjes moesten
er met behulp van een pincet worden ingeslagen voor de
honderden kleine plankjes. De bouw kostte vooral veel
denkwerk, want het model moest levensecht worden. Zo
moest bijvoorbeeld eerst de hijskabel ingebouwd worden.
Otter heeft ook veel aandacht besteed aan het binnenwerk
van de kraan. Deze kan helemaal bekeken worden door het
voorpaneel eraf te nemen. Het model is bijna een meter
hoog. In het echt zal de kraan ongeveer vijftien meter
hoog zijn. Voor de bouw van het schaalmodel beschikte
Otter over goede constructietekeningen van hijskranen
uit de zestiende eeuw. "De stichting wilde een slanke
kraan en daarom heb ik een model gebouwd dat daaraan
voldoet. Bij de bouw is heel duidelijk het exemplaar uit
de Hanzestad Brugge als voorbeeld genomen. Foto~s,
tekeningen en schilderijen hebben daarvoor model
gestaan, legt Otter uit. De kraan wordt aangedreven door
twee grote tredmolens, die in het verleden in gang
werden gezet en gehouden door criminelen. "Daar komt de
term raddraaiers vandaan en het gezegde dat iemand voor
galg en rad opgroeit, weet Sasbrink zich te herinneren.
Maandag 7 april 2003 werd dit kwalitatief
uitstekende schaalmodel aan de stichting overgedragen en
zal het worden gebruikt voor promotiedoeleinden. "Als de
werkelijke bouw van deze tredmolenkraan gerealiseerd kan
worden, zal dit uniek zijn voor Zwolle, Nederland en
zelfs voor Europa. Een publiekstrekker. In Nederland
vind je nergens meer een dergelijke kraan, weten Otter
en Sasbrink uit napluizingen.

-----------------------------------------------

10. Vaandels voor de Stichting
Levende Stadsgeschiedenis
Van de Familie
Hogenkamp aan de Cliviastraat in Assendorp ontving onze
Stichting een 2e vaandel. Dit keer betreft het een
vaandel uit 1885 van de Chr. G.O.J.H.(geheel onthouders
jongeren vereniging) "De Zonen van onthouding". Dit
vaandel is voorzien van twee kleine Zwolse wapens en een
groot stadswapen. Het vaandel heeft veel geleden van de
vocht en slijtage maar is toch een bijzonderheid. Aan
het vaandel hangen drie gouden kwasten en is boven
voorzien van een soort baldakijn. De familie Hogenkamp
trof dit vaandel op een rommelmarkt aan en nam het in
bescherming. Al eerder ontvingen wij van de heer
Dunnink een vaandel uit 1910 van de R.K.
Middenstandsvereniging Zwolle. Een groot vaandel waarop
de stadspatroon de Aaartengel St.Michael te zien is al
strijdend tegen de draak. Links en rechts boven zijn de
wapens te zien van de stad Zwolle en van de Zwolse
Hanzekooplieden. Een aantal vrijwilligsters hebbben zich
ontfermd over de restauratie van dit bijzondere
vaandel. Het vaandel heeft een plek gekregen in de
centrale hal van de Hoofdwacht.
__________________________________________
11. Let op uw Saeck!! Cultuur
historie wordt bedreigd in de stad
Zwolle.
Zwolle
is oud, veel in Zwolle is van steen en ook oude
steen vergaat, sneller dan we
denken.
De
Stichting Levende Stadsgeschiedenis constateert dat
ouderdom, erosie, luchtvervuiling, en vandalisme
ook aan Zwolle's eeuwenoude stenen objecten van
cultuurhistorische waarde niet voorbij gaat. Zwolle brokkelt af, en als we
er niets aan doen zijn we een hoop onvervangbare
objecten kwijt. Dat er dus in Zwolle een hoop
(restauratie) werk aan de winkel is mogen de volgende
beelden duidelijk maken. Kijkt u even
mee?
Oude
Vismarkt/Gasthuisplein:

De westgevel van het
voormalige Heilige Geestgasthuis in 1309 staat er nog.
Later wordt hier het binnengasthuis in gevestigd. Deze
zijmuur laat sproren zien van middeleeuws mestelwerk met
fragmenten van boogfriezen en twee dichtgemetselde
gotische spitboogvensters. De dakgoot ligt op zandstenen
funderingen. Herstel van deze historische muur is
noodzakelijk. Een laat dit stukje oud Zwolle ook zien
!!!!
Kalverstraat/ hoek
Kamperstraat:

De situatie in 1992,
losgelaten pleisterwerk verveloosheid en
beschadigingen. Dan reeds hoognodig aan een
opknapbeurt toe.(het straatnaambordje is er dan nog). De
situatie in 2001, alleen de regenpijp is vernieuwd, de
gaten in het pleisterwerk zijn ruw dichtgesmeerd en de
onvermijdelijke grafiti artisten zijn
"langsgeweest". Als er niet net als in Kampen
nieuwe aandacht ontstaat voor dit soort oude
muurreclames is dit stukje Zwolle met een paar jaar
verdwenen.
Heiligeweg/Koewegje:

Karakteristiek poortje aan
het Koewegje. Gefotografeerd in ±
199. Deze monumentale poort zou samen met de
muur deel uitgemaakt hebben van een oud
kloostercomplex. Naar wij mochten vernemen
wordt onderzoek gedaan naar de vroegere bestemming van
het poortje en het achterliggende terrein. We zijn
reuze benieuwd. December 2001! De poort en de muur zijn
weg maar van een bewoonster van het Koewegje leerden we
dat het poortje in afwachting van herplaatsing netjes is
gedemonteerd in speciale containers is opgeslagen.
Bethlehems
Kerkplein: [Kloosterkerk Bethlehem]

Reliefsteen in de zuidermuur
van de Betlehemse kerk. 15e eeuws, Natuurlijk, de
beeldenstorm heeft hier in het verleden reeds zijn
verwoestend werk gedaan maar we kunnen verdere afkalving
voorkomen door de steen te conserveren en het een betere
plaats te geven waar weersinvloeden en vandalisme geen
kans krijgen.

Nog een object in de
zuidermuur van de Betlehemse kerk. Volgens de
overlevering zou dit de grafsteen zijn van de broer van
Thomas a Kempis. Of dit nu waar is of niet, we moeten
dit 15e eeuws beeldhouw-werk voor verdere afkalving
behoeden door de steen te conserveren en het een betere
plaats te geven waar weersinvloeden en vandalisme geen
kans krijgen.

Een 15e eeuwse Piëta in de
zuidermuur van de Betlehemse kerk. Te zien is nog dat
Maria de dode Christus op haar schoot draagt omgeven
door rouwende apostelen. Thans tegen wil en
dank decor van een horeca terras. Ook hier
moeten we verdere afkalving voorkomen door de steen te
conserveren en het een betere plaats te geven waar
weers- invloeden en vandalisme geen kans
krijgen.

Stadsrondleiders zullen u
vertellen dat deze timpaan de oudste door mensen
bewerkte steen van Zwolle is (Sassenstraat, 14e
eeuws). In het museum voor kerkelijke kunst "Het
Catharijne convent" in Utrecht worden vergelijkbare
unieke deurbogen uit de romaanse tijd als kostbare
museumstukken in een veilige ruimte
tentoongesteld. In Zwolle kan (en kon) de eerste de
beste grafiti artist zijn gang gaan.
Wij
pleiten voor verplaatsing van dit
unieke 700 jaar oude stuk cultuurhistorie naar een
betere plek waar weersinvloeden en vandalisme geen kans
krijgen, bijvoorbeeld binnen in de kerk ingemetseld in
het koor.

Het oudste gebeeldhouwde
stadswapen van Zwolle. De Aartsengel Michael die de
draak met zijn lans doorsteekt. Gemaakt door Arnt van Calcar
in de 15e eeuw. Deze timpaan (deurboog)
bevindt zich in het Noorderportaal van de Grote Kerk en
is in bijzonder slechte staat. De zachte
materiaalsoort (zandsteen?) brokkelt steeds meer af en
er moet niet lang meer gewacht worden met het maken van
een conserveringsplan anders hoeft het niet meer! Op de
zandsteen is de Aartsengel Michael te zien die gezeten
boven het Zwolse stadwapen de draak met zijn lans
doorsteekt. Het wapen wordt geflankeerd door twee
engelen en de draak ligt zieltogend op zijn rug onder
het stadswapen. Aan weerszijden zijn de
torens en muren van de stad Zwolle te zien. Wij
zouden er een voorstander van zijn als van dit oudste
Zwolse "stadslogo" een goede replica zou worden
gemaakt.
 
Ook de stoere Sassenpoort
ontkomt er niet aan, de gebeeldhouwde koppen onder de
arcadenbogen eroderen sterk. Dit exemplaar
[links] aan de buitenkant van de poort heeft al
geen onderkaak meer. Sint Michael op de sluitsteen onder
de doorgang heeft zwaar geleden van het verkeer. Nog
steeds gaan er auto's en brommers onder door. Wanneer
wordt de Sassenpoort verkeersvrij gelegd !!!!
 
Zwolle kent nog slechts twee
door woonhuizen overkluisde steegjes. De
meest karakteristieke van de twee "de Lauwermansgang"
ging hard achteruit. Meestal ligt er afval van het
Griekse restaurant ernaast. Zwolle let op Uw saeck !
Door de lekke of verstopte goten aan de
achterzijde van de overkluizing plensde het water bij
regenval langs de muur en was de gevel doordrenkt van
water. Dit zou uiteindelijk tot grote schades
leiden.
Wat voor bovengenoemde
objecten dan nog niet gerealiseerd is zien we al wel
voor de vele oude binnenstads pandjes. Wij zijn blij dat
bijvoorbeeld 'Stadsherstel Zwolle" de verloedering van
oude panden in de binnenstad voortvarend aanpakt. Hoewel
wij aannemen dat e.e.a. in goed overleg en onder
toezicht van onze Gemeentelijke Monumentenzorg gebeurt
moeten we echter nog wel eens slikken wanneer we zien
dat middeleeuwse binnen- muren blijkbaar niet gespaard
kunnen worden en vervangen worden door hedendaagse
kalkzandsteen (zie foto in de Praubstraat). Het
zou de stichting stadsherstel sieren ook een een oude
gevel re reconstrueren. Wellicht kan de renaissance
gevel van het huis "Roohaan", dat nu opgeslagen ligt,
compleet worden herbouwd bij een volgende
restauratie.
Indien u ook
situaties kent zoals bovengenoemd laat het ons dan
weten!! we zullen het dan in onze homepage
vermelden.
___________________________________________________
12. Kanonnen voor de vesting
Zwolle


Aan het
vestingverleden van Zwolle herinneren twee orginele
gietijzeren kanonnen. Deze vuurmonden werden in 1992 uit
de grond gehaald bij de Kranenburg en met medewerking
van de gemeente Zwolle en de vele vrijwilligers in ere
hersteld. De twee onderstellen voor de kanonnen; een
typisch veldaffuit en een rolpaard voor het kleine kanon
werden van zwaar eikenhouit vervaardigd en geschilderd
in de "Ossebloed" kleur.
De onderstellen
vragen jaarlijkse keuring en onderhoud, het veldaffuit
is er slecht aan toe. Hoewel een stempel zorgd voor het
opvangen van de druk op de assen, hebben de wielen en
het affuit sterk geleden door vandalisme. Onderhoud
moet zo snel mogelijk gebeuren.
|